was successfully added to your cart.
Verlatingsangst

Het woord zegt eigenlijk alles al: verlatingsangst, de buitensporige angst om verlaten te worden door mensen waar je gehecht aan bent.

Deze angst is erg bekend onder kinderen, maar hij kan zeker ook voorkomen bij volwassenen. Vaak gaat het dan om de angst dat je geliefde je verlaat, maar het kan eveneens gaan over de angst dat vrienden of familie je verlaten. Verlatingsangst bij volwassenen is kortgeleden opgenomen in het handboek van psychologische stoornissen, de DSM-V.

In dit artikel vertel ik je wat verlatingsangst precies inhoudt, waar het door ontstaat en natuurlijk wat je er tegen kunt doen. Als je behandeling zoekt voor verlatingsangst, kun je uiteraard bij een van onze psychologen terecht. Neem dan contact op via deze pagina.

Dit artikel bestaat uit een aantal onderdelen. Als je wilt kun je via onderstaand menu direct navigeren naar het punt waar je geïnteresseerd in bent:

Wat is verlatingsangst?


Zoals gezegd is het woord verlatingsangst een goede beschrijving van waar het over gaat. Mensen met verlatingsangst zijn bang dat ze verlaten worden. Formeel gaat het dan over “belangrijke hechtingsfiguren”. Daarbij kun je denken aan de partner, kinderen, familie, gezinsleden of vrienden.

Natuurlijk is het nooit leuk om verlaten te worden door iemand waar je aan gehecht bent. Als je partner je verlaat is het normaal dat je daar overstuur van bent. Het gaat dan om een buitensporige angst voor verlating. Daar hoort bijvoorbeeld bij dat je al aan het piekeren bent over verlies of bedrog terwijl er nog helemaal geen tekenen van zijn. Je partner is bij wijze van spreken al tien jaar bij je en toch maak jij je nog elke dag zorgen dat hij je plots kan gaan verlaten.

In deze column beschrijft Roos Schlikker hoe haar verlatingsangst zich openbaart. Zij droomt regelmatig over dat ze verlaten wordt door haar man.

Verlatingsangst (of separatieangst zoals het soms genoemd wordt) kan zich op allerlei manieren uiten. Vooral bij kinderen zien we dat ze liever niet bij hun ouders weggaan, maar dit komt bij volwassenen ook voor. In volwassen relaties zorgt verlatingsangst regelmatig voor problemen, omdat mensen met verlatingsangst heel veel aandacht van hun partner vragen. Ze moeten er constant van overtuigd worden dat hun partner geen afscheid gaat nemen. Paradoxaal genoeg zorgt dat er soms juist voor dat de partner hen verlaat.

Symptomen verlatingsangst


In de nieuwste versie van de DSM-V is verlatingsangst opgenomen als officiële stoornis. Dat maakt dat we nu duidelijk hebben wat de symptomen van verlatingsangst zijn. Ik zal deze hieronder in mijn eigen woorden bespreken:

Verlatingsangst

Verlatingsangst is opgenomen in de vijfde versie van de DSM

Overdreven angstig zijn om gescheiden te worden van mensen waar je aan gehecht bent, op een manier die niet bij je leeftijd past (bij baby’s is dit bijvoorbeeld betrekkelijk normaal).

Dit kan zich op diverse manieren uiten. Voordat we over verlatingsangst kunnen spreken, moeten er minimaal drie van de onderstaande symptomen aanwezig zijn:

  • Enorm van streek zijn wanneer je niet thuis bent of niet in het gezelschap bent van mensen waar je aan gehecht bent. Dit kan zelfs spelen wanneer je verwacht om alleen te zijn.
  • Overdreven bezorgdheid dat mensen waar je aan gehecht bent iets overkomt. Bijvoorbeeld dat ze door een ziekte komen te overlijden.
  • Overdreven bezorgdheid dat jou iets overkomt, wat ervoor zorgt dat je gescheiden wordt van de mensen waar je aan gehecht bent.
  • Bijvoorbeeld dat je ziek wordt of dat je verdwaald.
  • Tegenzin om weg van huis te gaan omdat je dan gescheiden wordt van mensen die belangrijk voor je zijn.
  • Angst om alleen te zijn. En dan specifiek alleen zonder bekenden.
  • Liever niet ergens anders willen slapen.
  • Nachtmerries over verlaten worden.
  • Lichamelijke klachten op het moment dat je daadwerkelijk alleen bent.

Als je drie van de bovenstaande symptomen voldoet, is er kans dat je aan verlatingsangst leidt. Als je dit echter af en toe een dag hebt, is dat niet zo erg. Daarom zijn er ook criteria over de duur van de klachten:

B. Bij kinderen, pubers en jongvolwassenen moet de angst tenminste vier weken aanwezig zijn. Bij volwassenen moet er zes maanden of langer continue (bijna dagelijks) sprake zijn van deze angsten.

Daarnaast moet de angst wel problematisch voor je zijn. Als dat niet zo is, is er natuurlijk weinig aan de hand. Daarom stellen we dat:

C. De angst duidelijke lijdensdruk of beperkingen in het functioneren moet veroorzaken. Dit kan bijvoorbeeld gelden voor mensen die niet meer naar het werk durven.

Tot slot wordt nog gesteld dat er geen sprake moet zijn van andere symptomen. Mensen met autisme vinden het bijvoorbeeld ook vervelend om van huis te gaan, maar bij hen heeft dat meer te maken met hun specifieke klachten.

Ongeveer 1% van de Nederlandse volwassenen heeft last van verlatingsangst. Bij kinderen kan tot 4% er last van hebben. Het lijkt er dus op dat veel van deze angst bij jongeren vanzelf over gaat wanneer zij volwassen worden.

Waar wordt verlatingsangst door veroorzaakt?


We gaan er over het algemeen vanuit dat verlatingsangst veroorzaakt wordt door een onveilige hechting. Dat is een term uit de hechtingstheorie van John Bowlby.

Bowlby gaf aan dat het voor zeer jonge kinderen normaal is om verlatingsangst te hebben. Wanneer er namelijk geen volwassenen in de buurt zijn, is het kind in gevaar.

Na verloop van tijd leert het kind om steeds meer afstand te nemen. Vrij letterlijk leert het kind dan dat de ouders weer terugkomen nadat ze even zijn weggeweest. Sommige kinderen leren dat echter niet, omdat de ouders zich onvoorspelbaar gedragen of simpelweg onvoldoende aanwezig zijn. We onderscheiden drie manieren van hechting:

1. Veilige hechting: als de ouders het kind verlaten is het kind daarvan overstuur, maar zodra ze terug komen is het snel weer goed.
2. Onveilige hechting: deze kinderen komen heel zelfstandig over. Het maakt ze op het oog niet uit of de ouder de omgeving verlaat, maar ze hebben daar wel degelijk stress van.
3. Onveilige afwerende hechting: deze kinderen zijn erg boos als de ouders hun verlaten en blijven boos wanneer ze weer terugkomen.
4. Onveilige gedesoriënteerde hechting: deze kinderen vertonen een mengeling van gedragingen en lijken totaal niet te weten wat ze kunnen verwachten van hun ouders en hoe ze daarmee om kunnen gaan.

In de onderstaande video zie je drie verschillende soorten van hechting:

 

Niet iedereen die onveilig gehecht is aan zijn ouders krijgt later last van verlatingsangst (of een hechtingsstoornis zoals het ook wel heet). Maar kinderen die onveilig gehecht zijn lopen wel een groter risico.

Veel mensen die onveilig gehecht zijn in hun jeugd, leren daar als kind anders mee omgaan. Maar als zij later in hun leven iets meemaken dat herinnert aan het gedrag van hun ouders, kan dat onveilige hechting uit het verleden triggeren. Soms ontstaat verlatingsangst dan ook op latere leeftijd nadat iemand verlaten is door een partner of een ouder.

Verlatingsangst kind


Bij baby’s is verlatingsangst een normale stap in de emotionele ontwikkeling zoals Bowlby ook al aangaf. Als de baby ongeveer een half jaar oud is, krijgt hij in de gaten dat zijn moeder en zijn vader hem af en toe verlaten. Dat komt onder andere doordat hij mensen nu beter herkent.

Vanaf dit moment vindt de baby het meestal moeilijk wanneer zijn ouders hem verlaten en vindt hij het eng om met anderen om te gaan. Eenkennigheid en verlatingsangst gaan dus hand in hand. Je kunt dit herkennen aan:

  • Zelf als je naar boven loopt, begint je kind al enorm te huilen
  • Wanneer het kind maar een glimp opvangt van iemand anders wordt er ook flink gehuild
  • Slapen gaan wordt een hele toer, omdat je het kind dan alleen moet laten. En dat wordt absoluut niet gewaardeerd!

Het is dus normaal dat kinderen verlatingsangst hebben. Hoe je hiermee om kunt gaan, kun je eigenlijk al leren van Bowlby. Het is namelijk belangrijk om voorspelbaar te zijn in je gedrag rondom afscheid en terugkomen. Hier leert het kind van dat afscheid niet betekent dat je altijd wegblijft en dat afscheid niet betekent dat je niet meer van het kind houdt. Enkele tips zijn:

  1. Neem kort en duidelijk afscheid. Verzin een ritueel dat je alleen bij afscheid doet, zodat het kind weet dat je afscheid neemt.
  2. Kom niet terug om het kind te troosten als het gaat huilen. Dit verdriet hoort erbij en het kind moet nu juist leren om hiermee om te gaan.
  3. Geef het kind wat aandacht wanneer je terug komt. Dit is nodig om duidelijk te maken dat je nog steeds van het kind houdt, ondanks het feit dat je weg geweest bent.

Op die manier leer je het kind op een normale manier om te gaan met verlating. Het is dus belangrijk dat je ondanks alle angsten van het kind wel regelmatig weggaat, want anders kan het nooit leren dat afscheid niet het eind van de wereld betekent. Het is natuurlijk wel verstandig om dit langzaam op te bouwen. Dus niet meteen een wereldreis van drie maanden, maar liever een wandeling rondom het huis van vijf minuten.

verlatingsangst hechting

Een goede hechting met de ouders is van groot belang voor het kind.

Verlatingsangst volwassene


Ik onderscheid in dit stuk twee soorten verlatingsangst bij volwassenen. De eerste is letterlijk de angst om alleen te zijn, de andere komt vooral voor binnen relaties. Hoewel je aan de diagnose in de DSM-V al hebt kunnen zien dat deze twee beide onderdeel uit maken van dezelfde stoornis, merken we dat er in de praktijk wel degelijk verschillen zijn. In deze alinea gaat het vooral over de angst om verlaten te worden. In de volgende alinea gaat het over verlatingsangst binnen relaties.

Angst om alleen te zijn

Zoals gezegd zou je volwassen verlatingsangst kunnen zien als de angst om alleen te zijn. Voorbeelden hiervan zijn:

  • Eisen dat er steeds mensen (of eventueel een huisdier) bij je is
  • Heel lang bij de ouders blijven wonen
  • Je zorgen maken om de mensen om je heen. Heel beschermend zijn tegenover hen en geneigd zijn om ze dingen te verbieden.
  • Overdreven heimwee hebben. Liefst nooit in de nacht elders logeren.

In veel gevallen hebben mensen niet veel last van hun verlatingsangst. Hun omgeving vindt het vaak ook zielig en wil daarom wel helpen om hen gerust te stellen. Bijvoorbeeld door altijd in de buurt te blijven.

Soms kan het echter noodzakelijk zijn om langer alleen te zijn. Bijvoorbeeld bij het overlijden van een partner of het scheiden van de ouders. Of bij een carrière waar overnachtingen bij horen.

In dat geval is het vooral een kwestie van trainen om over je angst heen te komen. Begin met en nachtje van huis en breidt dat langzamerhand uit. Dat is in het kort de basis van therapie, waar we verderop in dit artikel meer over vertellen.

Verlatingsangst in de liefde

Een andere vorm van verlatingsangst bij volwassenen gaat vooral over verlatingsangst binnen de liefde. Tegenwoordig wordt dit ook wel liefdesverslaving genoemd, al is dat geen officiële definitie in de DSM-V.

De relatieverslaving is een wat andere soort van verlatingsangst dan die we hierboven beschreven hebben. Problemen ontstaan namelijk niet alleen maar rondom verlaten worden, maar ook rondom hechting. In het kort zou je kunnen zeggen dat mensen met verlatingsangst in de liefde onbewust het (onveilige) hechtingspatroon opzoeken dat ze van hun ouders geleerd hebben. Dat kan in de praktijk betekenen:

  • Steeds op de verkeerde mensen verliefd worden. Zonder uitzondering vallen op mensen die niet goed voor je zorgen of je grenzen overschrijden.
  • Verliefd worden op mensen die niet beschikbaar zijn, omdat ze bijvoorbeeld al een relatie hebben.
  • Erg claimerig gedrag vertonen richting je verliefde.
  • Of er juist niet kunnen zijn voor je geliefde. Continue vreemdgaan of de behoefte hebben om de ander te verlaten.

We zien daarbij dat volwassenen met verlatingsangst in de liefde vaak een partner zoeken die ook verlatingsangst heeft of juist een partner vinden die bindingsangst heeft. Zo ontstaan er continue patronen waar de liefde geen baat bij heeft, maar waar mensen zich moeilijk overheen kunnen zetten.

De behandeling hier gaat in de basis in op het kunnen houden van jezelf. Als die basis gelegd is, kun je gemakkelijker de ander tegemoet treden. Daarnaast word er goed gekeken naar de patronen die er in je liefdesrelaties spelen, zodat je deze op tijd kunt herkennen en er beter mee om kunt gaan. Er zijn zelfs gespecialiseerde partijen die flirttips voor vrouwen geven.

Therapie verlatingsangst


De therapie voor verlatingsangst bij volwassenen is afhankelijk van de specifieke klachten.

Behandeling van angst om verlaten te worden

Wanneer je last hebt van de angst om verlaten te worden, zien we dit primair als een angststoornis. We behandelen deze dan ook zo. Dat betekent dat we met behulp van Cognitieve Gedragstherapie je angst onder controle proberen te krijgen. Zoals het woord al zegt, gebruiken we daarvoor je cognities en je gedrag.

Veranderen cognities: mensen die bang zijn om verlaten te worden, hebben vaak allerlei ideeën over alleen zijn die helemaal geen basis in de realiteit hebben. Zo kan het bijvoorbeeld zijn dat ze denken: “zonder anderen red ik het niet.” of “als ik alleen ben, word ik gek.”.Het is handig om die overtuigingen (cognities) onder de loep te nemen om te onderzoeken of ze wel echt waar zijn.

Gedrag: praten over je overtuigingen kan al erg behulpzaam zijn, maar het is nog handiger om ermee te experimenteren. Als je ervan overtuigd bent dat je gek wordt als je alleen bent, is het de moeite waard om dat eens te testen. Ga maar eens vijf minuten alleen zijn, en bekijk dan maar of je ook echt gek wordt. Wanneer je dat hebt gedaan (en gezien hebt dat je nog steeds niet gek bent geworden) probeer het dan maar eens voor 10 minuten of een half uur. Zo ga je stapje voor stapje meer experimenteren met dat waar je nu juist angstig voor bent. Uiteindelijk zal dan blijken dat er weinig meer van je angsten overblijft.

Behandeling van liefdesverslaving

Deze behandeling wijkt behoorlijk af van de bovenstaande behandeling, omdat het een veel minder eenduidig probleem is. Er kunnen dan ook veel meer onderdelen zijn die bij deze behandeling worden toegepast. Bijvoorbeeld:

Werken aan je zelfvertrouwen: een effect van een onveilige hechting is dat je niet van jezelf kunt houden en afhankelijk blijft van de goedkeuring van anderen. Door je zelfvertrouwen te versterken, wordt dat makkelijker.
Relatietherapie: als er een partner in het spel is, loont het de moeite om deze er ook bij te betrekken. Een relatietherapeut kan meestal vrij goed in beeld brengen welke patronen zich binnen de relatie afspelen en kan tevens helpen om daar anders mee om te gaan.
Schematherapie: voor hele ernstige problematiek is het vaak handig om ook wat grondiger te werk te gaan binnen de therapie. Schematherapie is een manier om je onbewuste schema’s in kaart te brengen, om deze vervolgens te kunnen veranderen.

Buiten deze behandelmethoden kan Cognitieve Gedragstherapie hier ook werken om je angsten rondom verlating aan te pakken.

Als je behoefte hebt aan begeleiding bij het overwinnen van je verlatingsangst, kun je bij een van onze psychologen terecht. Neem daarvoor gerust contact op via onze contactpagina.

Boeken over verlatingsangst


Er zijn verschillende goede boeken beschikbaar over verlatingsangst. We noemen hier enkele:

Verslaafd aan de liefdeVerslaafd aan de liefde van Jan Geurtz legt heel goed uit waarom eigenliefde aan de basis ligt van een gezonde relatie. Hij beschrijft daarbij de denkmethoden die mensen overhouden aan een onveilige hechting. Het boek is zeer de moeite waard, maar af en toe wel wat moeilijk geschreven. Niet per se iets voor op je nachtkastje.

Het knappe aan het boek van Geurtz is dat hij liefdesverslaving zo duidelijk koppelt aan zelfvertrouwen. Zijn stelling is dat mensen die verslaafd raken aan de liefde, diep van binnen het gevoel hebben dat ze zelfstandig niet voldoende waard zijn. Daarom zijn ze zo afhankelijk van de ander.

In onze ervaring is dat inderdaad een van de belangrijkste oorzaken van liefdesverslaving en verlatingsangst.

 

liefdesbangLiefdes bang is waarschijnlijk het meest bekende boek over verlatingsangst (en bindingsangst). Zeer helder en goed boek, af en toe wel wat chaotisch geschreven. Goed om inzicht te krijgen in het probleem, (iets) minder goed als je ermee aan de slag wilt.

Robert Haringsma

About Robert Haringsma

Robert Haringsma is psycholoog en onderzoeker. Hij schrijft over onderwerpen als stress, zelfvertrouwen, depressie en angst.

Leave a Reply