was successfully added to your cart.
spinfobie web

De angst voor spinnen wordt ook wel spinfobie genoemd. Dit is een vrees die bij heel veel mensen voorkomt, maar die we eigenlijk nooit behandelen. Dat is omdat veel mensen het niet de moeite waard vinden om hun spinfobie te behandelen. Ze hebben er immers niet veel last van.

Dat is echter zonde, want een fobie is gemakkelijk te behandelen. Dat is niet alleen prettig zodat je dan minder last heb van je angst voor spinnen, maar ook omdat je dan weet hoe je andere angsten te lijf kunt gaan.

In dit artikel bespreek ik hoe je in een dag van je angst voor spinnen af kunt komen. Dat lijkt misschien wat overdreven, maar het is wel degelijk mogelijk. Je hoeft het natuurlijk niet binnen een dag te doen, maar het kan wel.

Omdat ik grondig te werk wilde gaan, leg ik eerst uit wat spinfobie precies is en hoe je er overheen komt om vervolgens te bespreken wat je kunt doen om je spinangst te bestrijden. Hieronder lees je de inhoudsopgave.

Wat is spinfobie?

Een spinfobie is een vorm van enkelvoudige angst. Met het woord fobie bedoelen we binnen de psychologie dat je een overdreven angst hebt voor een specifiek iets. Dat kan een dier zijn (zoals in dit geval), maar ook een ding (etalagepoppen) of een situatie (hoogtevrees).

Bijna iedereen is wel een beetje bang voor spinnen. Er zijn maar weinig mensen zoals Freek Vonk die oprecht enthousiast kunnen worden van spinnen. Toch zeggen we niet dat bijna iedereen een spinfobie heeft. Pas als je angst je normale functioneren in de weg staat, spreken we van een fobie.

Spinfobie symptomen

In de DSM-5 (het handboek voor psychologische aandoeningen) wordt de spinfobie niet apart besproken. Er zijn talloze fobieën en die worden allemaal onder een noemer besproken. Ik bespreek hier dan ook de algemene kenmerken van de fobie:

Een persoon met spinfobie ervaart een heftige angst als hij in aanraking komt met spinnen of denkt in aanraking te zullen komen. Dit laatste is belangrijk want in hele heftige gevallen van spinfobie kunnen mensen soms al bang worden in situaties waarin ze mogelijk in contact kunnen komen met een spin en dat zijn er natuurlijk nogal wat.

De volgende specifieke kenmerken gelden voor de spinfobie:

  • Een angst voor spinnen die buitenproportioneel is. Dus een angst die veel sterker is dan de normale angst die we bij andere mensen zien.
  • De angst is zo sterk dat een confrontatie met spinnen zorgt voor een directe angst die soms zo heftig is dat ze lijkt op een paniekaanval.
  • De persoon vindt de angstreactie zelf ook buiten proportie
  • De persoon probeert spinnen uit de weg te gaan en situaties waarin hij spinnen tegen kan komen. Dit is een belangrijk symptoom omdat het vermijdende gedrag op termijn vaak vervelender is dat de angst zelf.
  • Het uit de weg gaan van spinnen of het piekeren over spinnen zorgt voor zoveel psychologische stress dat het normale functioneren verstoord wordt. Denk dan aan het sociale functioneren, het functioneren op het werk of bij het boodschappen doen bijvoorbeeld.

Die laatste is goed om te benadrukken. We zien dat mensen met een spinfobie vaak geen hulp zoeken omdat ze eigenlijk weinig last van hun angst hebben. Je zou kunnen zeggen dat die mensen dus eigenlijk formeel geen fobie hebben. In de DSM-5 staat immers duidelijk dat iets pas een fobie genoemd mag worden als de angst het normale functioneren beperkt.

Je zou het kunnen vergelijken met hoogtevrees. Persoon A kan ernstige hoogtevrees hebben en daar nooit last van hebben. Bijvoorbeeld omdat hij nooit per se op grote hoogte hoeft te zijn. Als deze persoon echter een baan krijgt op de twintigste verdieping van een flatgebouw kan de fobie ineens wel problematisch worden.

Voor de rest van dit stuk maakt het eigenlijk niet zoveel uit of je nu een echte fobie hebt of dat je gewoon een beetje bang bent voor spinnen. In beide gevallen kan het helpen om je angst te overwinnen. De aanpak die we hier bespreken werkt bovendien voor beide soorten spinangst.

Waarom zijn we bang voor spinnen?

In zekere zin is spinfobie een bijzondere fobie. Het ziet er namelijk naar uit dat de angst voor spinnen aangeboren is. Zo blijkt uit onderzoek dat:

  • Ongeveer 75% van de bevolking is bang voor spinnen
  • Verreweg de meeste mensen met een angst voor spinnen heeft geen traumatische ervaring met betrekking tot spinnen. Het is dus niet zo dat 75% van de bevolking ooit door een spin is gebeten of een familielid heeft die dat is overkomen.
  • Onderzoek naar eeneiige tweelingen wijst uit dat tweelingen vaker beide bang zijn voor spinnen dan broers of zussen. Zelfs wanneer de tweeling niet samen opgroeit.


Het ligt ook voor de hand dat de angst voor spinnen erfelijk is, want de angst voor gevaarlijke dieren heeft een evolutionair voordeel. Mensen die zich niet veel zorgen maken over spinnen werden misschien eerder gebeten dan mensen die zich wel veel zorgen maken en konden daardoor hun genen niet overdragen.

Dat de angst voor spinnen aangeboren is zegt overigens niet dat deze ongeneeslijk is. Integendeel zelfs. Fobieën staan over het algemeen bekend als de best behandelbare psychologische aandoening die we kennen.

Behandeling van spinfobie

Een waarschuwing vooraf
Als je erg bang bent voor spinnen, is het vaak niet prettig om te lezen over de behandeling van spinfobie. Waarschijnlijk zul je daarna dan ook denken: daar ga ik dus nooit aan beginnen.

Daarom wil ik direct aangeven dat een behandeling altijd op je eigen tempo gaat. Er zal je nooit gevraagd worden om dingen te doen waar je nog te angstig voor bent. We bouwen de behandeling langzaam op en hoewel je zeker angstig zult zijn, hoef je niet in paniek te raken tijden de behandeling.


Als je af wilt van je spinnenangst is het allereerst handig om wat meer te weten over angst. Wat is angst eigenlijk? Iedereen die wel eens bang is geweest zal weten dat het een gevoel is, maar ook een lichamelijke sensatie. Je krijgt een droge mond, je handen worden zweterig en je hart gaat sneller kloppen, allemaal lichamelijke sensaties die bij angst horen.

Binnen de psychologie zien we angst als een alarmsysteem. Het alarmeert je in gevaarlijke situaties en zorgt ervoor dat je klaar bent om te vechten en te vluchten. Als reactie daarop komt je lichaam in actie en dat geeft het opgewonden gevoel dat je ervaart tijdens een angstige situatie.

Spinfobie

Gelukkig hebben we inmiddels aardig in de gaten hoe we dit alarmsysteem moeten herprogrammeren. Aangezien spinnen in Nederland niet gevaarlijk zijn, hoef je er niet bang voor te zijn. Als je dat toch steeds wordt, zou je kunnen stellen dat je alarmsysteem te strak afgesteld staat. Wat kun je nu doen om het alarmsysteem opnieuw te programmeren?

We gebruiken drie methoden om anders met je angst om te gaan:

  1. Herprogrammeren van je gedachten
  2. Gedragsexperimenten
  3. Anders leren omgaan met je lichaam

In principe gebruiken we hier de basisgedachten van de cognitieve gedragstherapie. Je kunt daarover meer lezen in dit artikel. In dit artikel ga ik in op de specifieke gedachten, gedragsexperimenten en lichaamsoefeningen die we gebruiken bij de behandeling van spinfobie.

Herprogrammeren van je gedachten

Als je van je spinfobie af wilt, is het goed om jezelf eerst af te vragen waar je nu eigenlijk bang voor bent. Uit onderzoek blijkt dat mensen niet echt bang zijn voor gevaarlijke dingen als giftigheid of dodelijkheid van spinnen. Dat is ook logisch, want spinnen in Nederland zijn niet zo schadelijk. Dingen die vaak genoemd worden:

  • Kriebeligheid
  • Onvoorspelbaarheid
  • Al die poten
  • Vieze beesten


Het is dus meer het algemene idee dat het beeld van een spin bij je oproept.

Als we beginnen met het herprogrammeren van je gedachten, reageren cliënten vaak verontwaardigd. “Maar spinnen zijn toch ook vieze beesten!” horen we bijvoorbeeld vaak. Op die manier hou je je eigen gedachten in stand. Stel je nu voor dat je twee mensen hebt die met een spin in aanraking komen. De een zegt tegen zichzelf:

“Help! Daar heb je weer zo’n vies beest. Met al die vieze pootjes en haartjes. Ik kan er echt helemaal niet tegen om zoiets te zien. Ik moet snel maken dat ik wegkom”

De ander zegt tegen zichzelf:

“Een spin. Ik krijg direct een onprettig gevoel, maar eigenlijk weet ik best dat er niets is om bang voor te zijn. Spinnen in Nederland zijn niet gevaarlijk dus er is niets ernstig aan de hand. Ik vind het wel een griezelig beest, maar daar kan ik best mee omgaan”

Het spreek voor zich dat de tweede persoon veel beter met de situatie om kan gaan dan de eerste. De een kiest ervoor om te situatie te vergroten, terwijl de ander er voor kiest om de situatie te verkleinen.

Spinfobie autorijden

Welke kans is groter, dat je dood gaat door een spin of door een auto ongeluk?

Daarnaast is het je misschien opgevallen dat beide anders met hun angst omgaan. De eerste persoon is er van overtuigd dat hij de angst niet aankan. De tweede persoon denkt dat hij de angst prima kan hanteren. Dat heeft een effect op hoe ze de angst daadwerkelijk meemaken. Als je denkt dat je de angst beter aankan, zul je hem ook daadwerkelijk beter aankunnen.

Ik begrijp dat het lastig is om er van overtuigd te raken dat je best een beetje angst aankan. Daarom werken we graag met gedragsexperimenten. Hieronder gaan we het daar over hebben.

Gedragsexperimenten

Voor ik ga uitleggen hoe gedragsexperimenten werken, wil ik het nog even hebben over vermijdingsgedrag. Dat is exact het tegengestelde van wat we doen bij gedragsexperimenten en zorgt ervoor dat je angst alleen maar erger wordt.

De meeste mensen die bang zijn, gaan angstige situaties zoveel mogelijk uit de weg. Zodra iemand dus merkt dat hij bang is voor spinnen, gaat hij situaties waar spinnen kunnen zijn uit de weg. Dus liever niet buiten zijn in de herfst en in ieder geval niet in bosrijke omgevingen.

In het ergste geval kan dit er voor zorgen dat je steeds meer situaties uit de weg gaat. Dus niet alleen bosrijke omgevingen, maar überhaupt buiten zijn. Controlegedrag kan ook een vorm van vermijdingsgedrag zijn. Daarbij moet je van jezelf steeds weer controleren of er geen spinnen zijn. Dat kan allemaal behoorlijk uit de hand lopen.

Bij gedragsexperimenten doen we zoals gezegd exact het tegenovergestelde. Er zijn twee soorten gedragsexperimenten die je kunt gebruiken in de behandeling van spinfobie.

Flooding is een manier. Bij deze manier wordt je direct overspoeld met angstige situaties. In het geval van spinfobie zou het bijvoorbeeld kunnen betekenen dat je in een bak met vogelspinnen gehesen wordt en daar meerdere uren moet blijven.

Als we op onze site zetten dat dit onze behandeling is, zullen we niet veel cliënten overhouden. Veel mensen vinden het vooruitzicht van een dergelijke behandeling simpelweg te beangstigend.

Daarom kiezen we over het algemeen voor systematische desensitisatie, een duur woord voor stap voor stap wennen aan een bepaalde angst. Bij een spinfobie zou dat er zo uit kunnen zien:

  • Een foto op de kast (enigzins uit het zich) van een spin
  • Een foto van een spin op je bureau
  • Een aquarium op je bureau met een heel klein spinnetje er in
  • Een aquarium op je bureau met een heel klein spinnetje er in
  • Met je hand in het aquarium
  • Met je hand de spin aanraken
  • De spin over je hand laten lopen
  • Beginnen met het aquarium op de kast, maar nu met een grotere spin
  • Doorgaan totdat je een grote kruisspin over je arm durft laten te kruipen


Het idee achter deze aanpak is dat je kans hebt om te wennen bij elke stap. Zodra je de eerste stap hebt gedaan, valt de tweede stap eigenlijk wel mee enzovoort. Als je onderaan een berg staat, lijkt het bijna onhaalbaar om deze te beklimmen. Maar als je gewoon begint en een aantal stappen neemt, lijkt het halverwege al een stuk beter te doen.

Bij het doen van deze experimenten moet je wel goed oppassen. Het kan namelijk tegen je werken als je iets gaat proberen dat nog te spannend voor je is. Dan loop je namelijk het risico dat je angst nog groter wordt. Daardoor wordt je bevestigd in je angst. Dat wil je natuurlijk niet hebben, kies daarom zorgvuldig de oefeningen uit die jij gaat doen.

Ontspanningsoefeningen

Sommige mensen zijn zo bang voor spinnen, dat ze zelfs de kleinste spin niet tegemoet kunnen treden zonder volledig in paniek te raken. Voor hen is het van groot belang om hun angst onder controle te krijgen. Dat kan met behulp van ontspanningsoefeningen. Hier zijn er meerdere van.

Meditatie: meditatie kan een goede manier zijn om te ontspannen en zorgt vaak ook dat cognitieve therapie beter werkt.

Progressieve relaxatie: met behulp van deze techniek span je eerst je spieren aan, om ze vervolgens weer te ontspannen. Zo leer je hoe het voelt om je spieren te ontspannen, wat weer kan helpen om je te ontspannen op moeilijkere situaties.

Biofeedback: bij deze methode gebruik je een feedbackapparaat om te leren over je fysieke situatie. Bijvoorbeeld over je hartslag. Dit kan met een hartslagmeter maar ook met meer specifieke apparatuur. Vervolgens leer je jezelf om deze hartslag terug te brengen. Als je dat kan, kun je ook beter ontspannen.

Als je er meer wilt lezen over dit onderwerp, kun je dit artikel over ontspanningsoefeningen lezen.


Begeleiding bij de behandeling van je spinfobie

Zoals gezegd is een enkelvoudige fobie (of die nu over spinnen gaat, over honden of over kleine ruimten) uitstekend te behandelen. Veel mensen kiezen er echter voor om deze situaties uit de weg te gaan. Soms kan dat ook uitstekend. Zo vaak zul je bijvoorbeeld niet in een kleine ruimte hoeven te zitten. In andere situaties is dat minder gemakkelijk. Zo zal een angst voor honden je regelmatig in ongemakkelijke situaties brengen.

Toch raden we aan om ook angsten waar je minder last van hebt te behandelen. Het is namelijk een hele bevrijdende ervaring om mee te maken dat je angsten minder grip op je hebben dan je zelf dacht. Dat kan je helpen om beter om te kunnen gaan met verschillende andere angsten. Zo ook bij een spinfobie. Als je eenmaal geleerd hebt hoe je angsten onder controle kunt krijgen, heb je daar je hele leven profijt van.

Heb je begeleiding nodig van een psycholoog? Neem dan contact met ons op. Bij depsycholoog.nl kun je binnen vijf dagen een intakegesprek inplannen.

Meer informatie over spinfobie? Vul dan het formulier hiernaast in en we nemen zo snel mogelijk contact met je op.

Direct aanmelden

  • This field is for validation purposes and should be left unchanged.
Robert Haringsma

About Robert Haringsma

Robert Haringsma is psycholoog en onderzoeker. Hij schrijft over onderwerpen als stress, zelfvertrouwen, depressie en angst.

Leave a Reply