was successfully added to your cart.
bang

Bang zijn is heel normaal. Het is zelfs heel belangrijk om af en toe bang te zijn. Het beschermt je tegen gevaar.

Té bang zijn bestaat echter ook. Dan ben je angstig in situaties waarin dat helemaal niet nodig is. Als je die angst te lijf gaat, levert dat een veel prettiger bestaan op.

In dit artikel leer ik je een stap voor stap methode om je angst te lijf te gaan. Deze aanpak is gebaseerd op de laatste wetenschappelijke onderzoeken, mijn behandelervaring en talloze gesprekken met experts op het gebied van angstbehandeling.

Na het lezen van dit artikel weet je:

  • Wat bang zijn precies is
  • Hoe je minder bang kunt worden
  • Wat de grootste fouten zijn die bange mensen maken
  • Tips om minder bang te zijn die je direct in de praktijk kunt gebruiken

Wat betekent het om bang te zijn?

Iedereen weet waarschijnlijk wel hoe het precies voelt om bang te zijn. Je hoeft maar een horrorfilm aan te zetten en je bent waarschijnlijk binnen no-time enorm bang.

Als je even verder gaat denken, zul je al snel zien dat er verschillende manieren zijn om bang te zijn. Bijvoorbeeld:

  • Soms maak je je zorgen over de toekomst of wat er gaat gebeuren. Je bent dan bang voor wat er komen gaat.
  • Op anderen momenten ben je zo bang dat je nauwelijks meer kunt functioneren. We noemen dat ook wel paniek.
  • Het kan ook zijn dat je bang bent om bang te zijn. Dan vind je het gevoel van angst vooral vervelend.

Maar wat gebeurt er nu eigenlijk als je bang bent?

Zoals ik al eerder schreef, beschermt angst je tegen gevaren. Dat doet het op twee manieren.

  1. De eerste manier is het meest bekend. Je lichaam maakt je dan gereed om te vechten of te vluchten. Op die manier kun je gevaren echt te lijf gaan.
  2. De tweede manier is minder bekend, maar toch zul je deze ook wel kennen. Angst zorgt dan dat je plannen gaat maken en gaat nadenken over situaties. We noemen dit ook wel piekeren. Deze angst is minder heftig, maar wel net zo vervelend.

In dit artikel bespreek ik de behandeling van beide soorten angst. Als je regelmatig bang bent, spelen ze namelijk vaak tegelijkertijd. Daarom is het goed om ze beide te lijf te gaan.

Verschillende vormen van angst

In de psychologie werken we met een handboek voor psychologische klachten. Dit heet de DSM 5. Hierin staat precies beschreven welke klachten we allemaal kennen binnen de psychologie.

In dit handboek is een apart hoofdstuk ingeruimd voor de verschillende angstklachten. Ik noem hier alleen die klachten die we bij volwassenen vaak zien:

  • De specifieke fobie is een angst voor één specifieke situatie. Lees hier bijvoorbeeld onze artikelen over spinfobie of over vliegangst.
  • De sociale angststoornis is een angst voor sociale situaties. Lees hier ons artikel over sociale angst
  • De paniekstoornis is een veel voorkomende vorm van “angst voor de angst”. Lees hier hoe je het best met paniekaanvallen om kunt gaan.
  • De gegeneraliseerde angststoornis heet ook wel een piekerstoornis. In dit artikel over de gegeneraliseerde angststoornis, lees je hoe dit precies werkt.

Als je regelmatig bang bent, hoeft dat nog niet te betekenen dat je een angststoornis hebt. Iedereen is immers wel eens bang. Het is zelfs gevaarlijk om geen gevoelens van angst te hebben.

We zeggen pas dat er sprake is van een angststoornis als je wordt beperkt in je persoonlijke of professionele leven. Dat is echter een betrekkelijke ruime definitie. Als je bijvoorbeeld bang bent om iemand aan te spreken in de kroeg, is dat nog niet een angststoornis. Het is echter wel knap vervelend als je een partner wilt vinden.

De methode die we in dit artikel bespreken helpt om alle angsten te lijf te gaan. Of dat nu een angststoornis is of “gewoon” bang zijn maakt niet zoveel uit.

  Een ander teken dat je last hebt van een angststoornis is de zogenaamde “angst voor de angst”. Als je erg bang bent om angstig te worden, is dat vaak een teken dat er wat meer aan de hand is.  

Tips om minder bang te zijn

Je hebt niet per se een psycholoog nodig als je aan je angst wil werken. Je kunt zelf al heel veel doen. Met de onderstaande tips, geef ik je de belangrijkste aanwijzingen om aan je angst te werken.

Tip 1: Niet uit de weg gaan

Het is op zich een hele begrijpelijke reactie op angst: de situatie uit de weg gaan. We noemen dit ook wel vermijden. Vermijding is echter de grootste oorzaak van angst en mijn grootste tip is dan ook: stop met te vermijden waar je bang voor bent.

Door dingen waar je bang voor bent te vermijden, leer je jezelf dat er echt iets is om bang voor te zijn. Daarnaast ontneem je jezelf de kans om te ontdekken of er wel echt iets is om bang voor te zijn.

Als je angstige situaties vermijd, zul je alleen maar banger worden

Wanneer je angstige situaties echter juist opzoekt, zal je angst steeds minder sterk worden. Het zal dan niet lang meer duren voordat je helemaal niet meer bang voor de situatie bent.

Veel mensen hebben dit in hun dagelijkse leven wel een keer meegemaakt. Autorijles is hier bijvoorbeeld een goed voorbeeld van. De meeste mensen waren tijdens de eerste les best wel bang.

Naarmate je meer lessen volgde, werd je echter steeds minder bang. Als je al een aantal jaren auto rijdt, zul je nu waarschijnlijk helemaal niet meer bang zijn. Je stapt gewoon in de auto zonder er ook maar bij na te denken.

Bang voor autorijden

Voor veel mensen is autorijden zelfs een pleziertje

Door heel vaak auto te rijden, heb je dus geleerd dat autorijden niet beangstigend is. Er is gewoon niets om bang voor te zijn. Als je goed oppast gebeurd er niets.

Hoe anders is dat voor mensen met hoogtevrees. Zij gaan grote hoogten juist uit de weg. Zodra ze omhoog moeten, haken ze af. “Daar ga ik niet naartoe hoor, dat is me veel te hoog!” Zo bewijzen ze elke dag weer dat hoogten juist wel eng zijn. Anders waren ze het immers niet uit de weg gegaan.

Nu is het weer niet slim om direct te gaan parachutespringen als je bang bent voor grote hoogten. Daarom is de volgende tip:

Tip 2: Stapje voor stapje

Als je bang bent voor spinnen, moet je spinnen niet uit de weg gaan. Dat heb je in de vorige tip geleerd. Misschien denk je nu: hoe kan dat nu, ik vind spinnen heel eng. Ik ben zo bang dat ik niet durf om naar een spin te kijken.

Dit is natuurlijk volstrekt normaal en komt bij bange mensen heel vaak voor. Daarom raden we je aan om de confrontatie met je angst stapje voor stapje op te bouwen.

Als je bang bent voor spinnen ga je dus niet direct een vogelspin kopen, maar begin je met het uitprinten van een plaatje van een spin. Bekijk bijvoorbeeld de onderstaande afbeelding:

bangrapWe noemen dit de angstrap. Bovenaan de angsttrap staat je grootste angst. Onderaan de angsttrap staat iets waar je wel bang voor bent, maar nog wel zou durven. Langzamerhand bouw je stapje voor stapje je tolerantie voor angst op.

Je zult zien dat je angst steeds minder wordt naarmate je hoger op de trap komt. Als je beneden staat is het bijna niet voor te stellen dat je ooit een spin aan zult raken. Als je echter de andere stappen al hebt gedaan, stelt het niet meer zoveel voor.

Tip 4: Je angst wegdenken

Als je bang bent voor een bepaalde situatie, heb je daar vaak ook bepaalde overtuigingen over. Voorbeelden van angstige overtuigingen kunnen zijn:

  • Als iemand mij niet aardig vindt, is dat heel erg.
  • Als ik nu een paniekaanval krijg, wordt ik gek
  • Spinnen kunnen op me springen en vallen me aan
  • Je loopt grote kans om in een vliegtuig om te komen


Misschien zul je de bijbehorende angsten wel herkennen. De eerste overtuiging hoort bij sociale fobie, de tweede bij de paniekstoornis en de laatste twee bij spinfobie en hoogtevrees.

Bij angsten is het vaak zo dat je overtuigingen niet helemaal kloppen. Zo is het bijvoorbeeld veel gevaarlijker om ergens naartoe te wandelen dan om ergens naartoe te vliegen. Net zo is het bijna onmogelijk om gek te worden van een paniekaanval.

  Om flauw te kunnen vallen heb je een lage bloeddruk nodig en van angst krijg je juist een hogere bloeddruk. Flauwvallen van angst is dan ook bijna onmogelijk.  

Daarom is het belangrijk om je overtuigingen eens objectief onder de loep te nemen. Klopt het wel echt wat je denkt over je angst?

Daarbij helpt het als je ook onderzoek in de praktijk kunt doen. Dat is wat ik al aangaf bij het punt “stapje voor stapje”. Als je nu bang bent voor spinnen, ga dan eens op onderzoek uit. Bekijk eens wat documentaires over spinnen of lees er eens een boek over. Zijn het nu echt die griezels zoals jij denkt?

Het verhaal van de witte slang

Stel je nu voor dat je leeft in een wereld met allemaal witte slangen. Je hebt van jongs af aan gehoord dat die slangen enorm gevaarlijk zijn. Een groot deel van je dag gaat op aan het uit de weg gaan van deze slangen. Je controleert ‘s ochtends je schoenen voordat je uit huis gaat en kijkt onder je bed voordat je gaat slapen.

Op een dag kom je een wijze oude man tegen en die vertelt je dat witte slangen helemaal niet gevaarlijk zijn. Je hoeft dus helemaal niet bang te zijn voor ze. Sterker nog: hij pakt een witte slang en laat zich bijten. Er gebeurd tot je grote verbazing helemaal niets!

Na enige aarzeling laat jij je ook bijten door een witte slang. En er gebeurd inderdaad niets. Je experimenteert met steeds groter slangen, maar steeds merk je helemaal niets van hun beet.

Op weg naar huis is het alsof er een loden last van je schouders is gevallen. De wereld ziet er een stuk prettiger uit ineens. Je kijkt niet meer onder je bed voordat je gaat slapen en valt in een diepe slaap.

Die ochtend stap je uit bed en je doet als eerste je balkondeuren open. Op het balkon ligt een hele dikke, witte slang…

Wat voor gevoel heb je op dat moment denk je?

Met bovenstaand verhaal wil ik maar aantonen dat je gevoel niet altijd direct je verstand volgt. Daarvoor heb je toch echt oefening in de praktijk nodig.

Als de hoofdpersoon uit het verhaal nu direct de witte slang pakt om zich te laten bijten, zal zijn angst snel minder worden. Als hij toch wel erg schrikt van zijn reactie en daaruit opmaakt dat er misschien toch wel een gevaar is, zal zijn angst langzaam weer groter worden.

Tip 5: Bang zijn onderzoeken

Als je minder bang wilt zijn, helpt het om je angst te onderzoeken. Daarmee bedoel ik: probeer nu eens te ontdekken hoe die angst bij jou precies aanvoelt.

Zoals je eerder al hebt gelezen willen veel mensen hun angst vooral vermijden. Ze vinden het een rotgevoel, dus zodra het op komt gaan ze direct afleiding zoeken en iets anders doen.

Met behulp van mindfulness-oefeningen kun je exact het tegenovergestelde doen. Je gaat dan je angst niet uit de weg, maar gaat hem juist tegemoet. Je probeert in angstige situaties te ontdekken hoe het nu precies voelt. Als je dat eens wilt onderzoeken voor alle gevoelens in je lichaam, kun je onderstaande bodyscan-oefening eens doen.

Als je klaar bent om deze zelfde oefening te doen, maar dan voor je angst, kan dat gewoon thuis. Bijna iedere angst valt vanuit huis wel te reproduceren. Als je sociaal angstig bent, kun je misschien een telefoontje plegen. Wanneer je hoogtevrees hebt, kun je misschien filmpjes bekijken van mensen die gevaarlijke stunts op grote hoogte doen.

Zodra je de angst voelt opkomen, wil ik je vragen om eens zo goed mogelijk te bekijken wat dit precies met je doet.

  • Waar voel je die angst nu?
  • Wat is het verloop van de angst?
  • Wordt hij steeds erger?
  • Of verloopt hij in golven?
  • Welke gedachten komen er bij je op?
  • Wat ben je geneigd om te doen?

Als je op deze manier kennis kunt maken met je angst, kun je daar een hoop van leren. Bijvoorbeeld dat het maar gewoon lichamelijke gevoelens zijn. En dat het vanzelf ook weer overgaat als je het telefoontje ophangt of het filmpje uitzet. Wanneer je deze oefening vaker doet zul je misschien ook ontdekken dat de angst steeds minder wordt. Misschien blijft hij ook wel gewoon, maar merk je dat je er minder last van hebt.

Deze oefening zal er waarschijnlijk aan bijdragen dat je minder bang wordt voor je angst. Dat kan enorm bijdragen aan het doen van de oefeningen in de praktijk. Als je namelijk echt doodsbang bent voor je angst, zul je waarschijnlijk niet zo staan te springen om te gaan oefenen met iets waar je bang voor bent. Deze oefening kan je helpen om daar overheen te komen.

Stap 5: Stoppen met piekeren

Onze hersenen zijn er voor gemaakt om problemen op te lossen. Daarom zijn we erg gericht op problemen en snel geneigd om daar eens goed over na te gaan denken.

Dat is op zich geen probleem.

Het wordt echter wel een probleem als je die denkkracht gaat inzetten voor problemen die niet op te lossen zijn. Of wanneer je ze gaat inzetten om de toekomst te voorspellen.

Onoplosbare problemen zijn over het algemeen zaken waar je geen invloed op hebt. De managementgoeroe Steven Covey gebruikte deze cirkel:

bang zijn en invloed uitoefenenDe cirkel beslaat alle zaken waar jij betrokken bij bent. Alles wat een positieve of negatieve invloed op jou kan hebben. De binnenste cirkel beslaat alle dingen waar jij bij betrokken bij bent en ook nog invloed op kunt hebben.

De economie is een voorbeeld van iets waar je nauwelijks invloed op hebt, maar waar je wel betrokken bij bent. Als het goed gaat met de economie, gaat het met jou ook vaak beter.

Je werk is een voorbeeld van iets waar je wel veel invloed op hebt. Door je in te spannen, geconcentreerd na te denken en uren te maken, kun je steeds beter worden.

Mensen die piekeren hebben de nare gewoonte om vooral na te denken over zaken waar ze nauwelijks invloed op hebben. Bijvoorbeeld:

  • Nadenken over welke problemen er allemaal zijn (zonder aandacht te besteden aan oplossingen).
  • Nadenken over rampzalige dingen die in de toekomst kunnen gebeuren (zonder aandacht te besteden aan voorzorgsmaatregelen).
  • Piekeren over dingen waar je geen invloed op hebt (zonder te bekijken hoe je de invloed die je wel hebt, kunt vergroten).


Een goed alternatief voor piekeren is dan ook plannen en nadenken. Dat lijkt hetzelfde te zijn als piekeren, maar is het zeker niet.

Plannen en nadenken doe je met pen en papier. Dat zorgt er voor dat je steeds een stapje verder komt. Het zet bovendien aan tot concrete acties. Piekeren is alleen maar rondjes lopen in je hoofd en helpt je vaak niet om ook maar een stap verder te komen.

Piekeren is vaak een onbewust proces waar je door opgeslokt kunt worden. Je hebt met andere woorden vaak zelf niet door dat je zo aan het piekeren bent. Als je minder wil piekeren, vergt dat dus wat aandacht. Een goede strategie is om de eerste dagen eens een wekkertje te zetten dat elk uur afgaat. Wanneer het wekkertje gaat kun je eens gaan nadenken: ben ik nu aan het piekeren?

Behandeling zoeken bij een psycholoog

Veel mensen zullen met de bovenstaande tips al in grote mate van hun angst af kunnen komen. Als je echter wat zwaardere psychologische klachten hebt, duurt het vaak ook wat langer. Dit geldt bijvoorbeeld voor mensen die een gegeneraliseerde angststoornis of een paniekstoornis hebben.

Als je er met bovenstaand artikel dus niet uitkomt, is dat niet per se zorgwekkend. Dat is alleen maar een teken dat je wat meer hulp nodig hebt. Onze psychologen helpen je graag met het onder controle krijgen van je angst. Op deze pagina kun je je aanmelden voor een gesprek.

Robert Haringsma

About Robert Haringsma

Robert Haringsma is psycholoog en onderzoeker. Hij schrijft over onderwerpen als stress, zelfvertrouwen, depressie en angst.

Leave a Reply